platformKerktuinen |
De veertigdagentijd is een herinnering aan de tocht van het Joodse volk door de woestijn naar het land van Abraham. Mozes leidt het volk bij de vlucht door de Rode Zee en daarmee de uittocht uit Egypte. Als het volk begint te morren over het ongemak dat de tocht met zich mee brengt, wordt Aäron de rechterhand van Mozes.
'De HEER sprak tot Mozes: "Spreek met de Israëlieten, en vraag van de leiders van elke stam een staf, samen twaalf staven. Schrijf ieders naam op zijn staf, - op die van Levi moet u de naam Aäron schrijven- want voor ieder stamhoofd moet er een eigen staf zijn. Leg ze voor de verbondsakte neer in de tent van samenkomst, waar Ik met u samenkom. De staf van de man die Ik uitkies, zal dus gaan bloeien. Zo zal ik het gemor van de Israëlieten tegen u tot zwijgen brengen en het niet meer horen." (...) Toen Mozes de volgende dag in de tent met de verbondsakte kwam, zag hij dat de staf van Aäron uit de stam van Levi was gaan bloeien. Hij had bloemen gekregen een droeg amandelen' (Numeri 17,16-23).
Aan dit verhaal is de naam Aarons staf te danken. De gelijkenis is terug te vinden in de bloeikolf van de plant die op een staf lijkt. Volgens een legende is de Aronskelk ontsproten aan de staf van Aaron. Deze staf zou de staak zijn die de verspieders gebruikten om de grote druiventrossen aan te hangen die zij uit het beloofde land meenamen. Bij thuiskomst stak men deze staak in de grond. Ze begin te groeien en te bloeien.
De volksnaam Aaronsbaard is terug te leiden op de vorm van de grote bladeren: vanuit twee rondingen spits toelopend, als en spits baardje vanachter de oren.
Arum maculatum is de latijnse naam voor de inheemse gevlekte Aaronskelk. Arum italicum is de italiaanse aronskelk die wit geaderde bladeren heeft. Rode vlekken op bladeren (ook perzikkruid heeft ze) worden met de kruisiging van Jezus in verband gebracht. Volgens een legende vielen druppels bloed van Jezus op de bladeren van deze planten die onderaan het kruis groeiden. De rode vlekken zijn een blijvende herinnering. Perzikkruid wordt wel Jezus gras genoemd.
Lijden en doornen horen vanoudsher bij elkaar. Als Adam en Eva het gebod van de HEER overtreden en uit de tuin verdreven worden spreekt de HEER:" de grond zal vervloekt zijn (...) Distels en doornen zal hij voortbrengen" (Genesis 3,17-19).
Na de terechtstelling van Jezus vlochten de soldaten van doornen een krans en zette die op het hoofd van Jezus. (Johannes 19,2). Natuurlijk is er gespeculeerd welke boom die doornen leverde. Er is zelfs een boom en een plant die Christusdoorn heet. Volgens een legende zijn het takken van de sleedoorn geweest, die toendertijd nog onooglijke groene bloesems had. Toen Jezus na zijn opstanding de sleedoorn passeertde hoortde hij het gejammer van de sleedoorn, ontdaan dat zijn takken de Heer van de nieuwe schepping hebben gepijnigd. Jezus antwoordt: "Ik ken je onschuld en als teken daarvan zul je voortaan met stralend witte bloesems tegen Pasen bloeien."
De evangelisten verhalen hoe Jezus in Jeruzalem als een vorst werd binnengehaald: mensen legden hun kleren af als loper en zwaaiden met groene takken. Johannes noemt het palmtakken. In het land van de bijbel zijn palmtakken de takken van de dadelpalm. In die tijd was de palm reeds een zinnebeeld van eeuwige roem. Het struikje blijft altijd groen: het is een verwijzing naar leven. De dadelpalm met zijn stam recht door zee en zijn vruchten die in tijden van winter en honger zoet en energierijk zijn, en met bladeren die groen blijven, is een aansprekend beeld voor leven en vruchtbaarheid. In Midden- en Noord Europa waar de dadelpalm niet van nature groeit, werd de altijd groene buxus de vervanger van de palm. Op de eerste dag van de Veertigdagentijd worden vergeelde palmtakjes uit het vorig jaar verbrand en met de as daarvan worden mensen in katholieke kerken getekend: het "askruisje"
Op palmzondagen wordt buxus gebruikt als herinnering aan de intocht van Jezus in Jeruzalem. De buxus wordt gebruikt bij het maken van de palmpaasstokken. Kleine takjes worden gezegend en uitgedeeld. Thuis worden ze achter het kruisbeeld gestoken. Ook werden de akkers gepalmd: op de hoeken werden door de boer palmtakjes gestoken. Op graven herinnert buxus aan het eeuwige leven.
Naar boven